TWEEDE DRUK PASSIE VOOR DE PATIENT, WERKEN MET KANKER – MANON HUIZING

 

Passie voor de patiënt. Werken met kanker. Op 16 juni 2017 lanceerden we in de kantoren van het UZ Antwerpen met een mooie presentatie dit boek. Ik beschouw zelf sinds 2006  ‘de ziekte’ als een lichtjes irritante levensgezel. Een ongrijpbare ‘lul-de-behanger’ die zich ongevraagd in je  lijf en je geest heeft genesteld en tot vervelens toe blijft ‘hangen’. Je zou hem met plezier ‘buiten schoppen’. Onbegonnen werk en een zinloos gevecht want ‘hij’ bepaalt zelf wanneer het licht uitgaat. En toch biedt de ‘jonge heer’ kanker nieuwe inzichten in die eigenaardige tocht tussen leven en dood. Daaraan dacht ik toen ik tijdens de presentatie die mensenmassa bekeek. Met meer dan driehonderd stonden ze daar, patiënten van Manon Huizing, in het gezelschap van hun naasten. Of familieleden van mensen die met veel moed hun verhaal in het boek hadden verteld, in de wetenschap dat ze de verschijningsdatum niet zouden halen. Ik mijmer bij het schrijven van deze blog even weg bij de herinnering aan mijn gesprekken met Aïcha, Ann, Daniëlle, Esli en Linda. Ik wist niet dat het einde zo nabij was. Zij wel. En toch ontbrak elk spoor van cynisme in hun kijk op de dingen. Dat vond ik evenmin terug bij de ouders van Elly. Ze zagen hun dochter in 2011 al de denkbeeldige grens oversteken tussen lichamelijke en spirituele aanwezigheid. Ook zij vertelden met veel warmte over het erfgoed dat zij had nagelaten. Maar ik zag dus vooral die mensen die, worstelend met hun ongemak, toch de moeite hadden gedaan om het boek te komen bestellen. En om Manon Huizing op hun beurt moed in te spreken. Velen genoten waarschijnlijk van dit gegeven dat ze voor het eerst even ‘hun oncologe’ een schouderklopje konden geven. Want die bevond zich nu in dezelfde situatie als zij. En zij, de patiënten, toonden zich nu de ervaringsdeskundigen voor haar, de dokter. Dat leidde tot ontroerende taferelen die ik, als oude rot in het uitgeversvak, zelden heb gezien bij de voorstelling van een boek. Het zegde veel over de kracht van ‘de community van mensen met kanker’. Dat besef ik vandaag meer dan ooit. We zijn intussen immers slechts zeven weken verder en kijk: daar komt al de tweede druk van ‘Passie voor de patiënt’. Meer dan 1500 exemplaren vonden al een bestemming, voornamelijk via mond-aan-mondreclame van de patiënten en de mensen uit hun directe omgeving. Ik ben er eigenlijk van overtuigd dat het pas begint. De ‘gemeenschap rond Manon Huizing en het UZA’ heeft zich intussen het boek aangeschaft. De reacties zijn eensluidend: zeer herkenbaar. Zo herkenbaar dat het mij lijkt dat dit één van die zeldzame boeken is die bij ongeveer elke mens een gevoelige snaar raakt: ‘aangrijpend, rauw, teder, hoopvol’. Ziedaar de woorden die lezers me mailen. En zo had onze lotgenoot Johan Cruijff, het grote voetbalvoorbeeld van Manon Huizing, alweer gelijk met zijn boutade ‘elk nadeel hep zijn voordeel’.  In zekere zin brengt ‘kanker’ mensen bij elkaar, het is als het ware verbindend over de levensbeschouwelijke meningsverschillen heen. Er ontstaat een ‘touch’ en een ‘power’: een niet te peilen aanraking en kracht. Op die eveneens onpeilbare grens tussen leven en dood. Ik geloof in de boodschap van dokter Huizing: van empathie tot opstandigheid. Sta op zieke, zoekende mens. En geniet en geef elkaar steun tegen de stroom in. Mijn buikgevoel zegt mij dat dit een boek is voor iedereen. De tweede druk is dus een feit, allen naar de boekhandel want hier is:  Passie voor de patiënt. Werken met kanker.

Van harte,

Raf Willems

ELVIS IS VEERTIG JAAR DOOD EN TOCH BLIJFT ELVIS DICHTBIJ!

 

 

Niemand kan er naast kijken: op 16 augustus 2017 herdenken we de veertigste verjaardag van het overlijden van Elvis Presley.  Hij is nog steeds ‘The King’. Niemand is even beroemd als Elvis. Niets voor niets en geheel terecht zong Luc De Vos: ‘Alleen Elvis blijft bestaan’. Want hij heeft nog altijd de meeste invloed in de muziek. Hij schreef en zong de meeste hits en verkocht de meeste albums. Dit blijft wereldwijd voortduren al meer dan zestig jaar lang. Elvis is de enige echte koning van de populaire muziek.

Marc Hendrickx (Antwerpen, 1964) is dé kenner van het werk van Elvis in de Lage Landen. Hij schreef ruim twintig jaar geleden de gedetailleerde biografie ‘Elvis A. Presley – Muziek, Mens, Mythe’.

Vandaag presenteert hij een nieuw boek: ELVIS DICHTBIJ. Een must voor elke Elvisfan: met prachtige illustraties en onbekende anekdotes. Het gaat over Elvis zélf, vertellend over zijn leven en werk via zeldzame quotes en nog zeldzamere foto’s.

Het enige boek ter wereld op elpeeformaat (31 op 31 cm): 35 euro voor 250 unieke pagina’s.

Elvis is veertig jaar dood en toch blijft Elvis Dichtbij! Via dit boek!

Nu te koop in de boekhandel of via www.willemsuitgevers.com

WILLEMS UITGEVERS GAAT NU OOK NEDERLANDSE MARKT OP

Beste lezer,

 

Bij deze kondigen we u graag aan dat we met onze boeken vanaf september 2017 ook aanwezig zullen zijn op de Nederlandse markt. Daarvoor hebben we een contract afgesloten met de ervaren vertegenwoordiger Huub van Aalst. Huub kent het boekenvak als zijn broekzak. Hij werkte van 1979 tot 1990 in boekhandels. Sinds 1990 zette hij de stap naar het zelfstandig ondernemerschap als ‘vertegenwoordiger’ en begeleidde hij de publicaties van talrijke topuitgevers naar het Nederlandse boekhandelslandschap. Voor Willems Uitgevers gaat hij alvast aan de slag in het najaar met Elvis Dichtbij van Marc Hendrickx; Passie voor de patiënt. Werken met kanker van Manon Huizing; De andere kant van de medaille van Marieke Vervoort; Kindje Gezond van Tine Devliegher en Lopen tegen de wind van Darya Safai. Huub van Aalst is afkomstig van Arnhem en kijkt van aan de rand van de Veluwe naar de wereld. Hij houdt van reizen, muziek, zeilen en, vanzelfsprekend, lezen.

We hopen op een zeer vruchtbare samenwerking. Van harte welkom bij Willems Uitgevers, Huub!

 

Hartelijk,

 

Raf Willems

PASSIE VOOR DE PATIËNT. WERKEN MET KANKER – MANON HUIZING

Op vrijdag 16 juni 2017 presenteerde WILLEMS UITGEVERS het boek Passie voor de patiënt. Werken met kanker van oncologe Manon Huizing.
Gisteren was er flink wat volk in het Zorghotel van het UZA in Edegem. We overdrijven niet als we zeggen dat er meer dan driehonderd mensen opdaagden voor Manon Huizing. Ik geef bij deze een voorproefje mee van het boek en pluk een stukje uit mijn eigen verhaal omtrent ‘de ziekte’. Inderdaad: ik heb al tien jaar kanker. Vandaag worden één op drie mensen in België en Nederland in hun onmiddellijke omgeving met dit vervelende ‘personage’ geconfronteerd.
Dokter Manon Huizing, beste lezer van deze blog, redde mij het leven. Dat is een vaststaand feit. Deze week zullen verschillende verhalen over en met haar in de media verschijnen.

“Het was een donkere decemberdag in 2006 toen ik deze lichtjes lawaaierige en prettig gestoorde oncoloog voor het eerst zag opduiken in mijn bestaan. Met een boodschap die me, ondanks het feit dat ik onder de morfine zat, toch van mijn bed bliksemde: kanker.
Het moet ongeveer dag negentien van mijn ziekenhuisverblijf zijn geweest. De vorige achttien dagen was ik compleet binnenste buiten gekeerd maar een diagnose viel er niet. Terwijl die toch al langer duidelijk was. Ik lag op een verkeerde afdeling en ik begreep pas later van Manon dat ze achter de schermen een klein oorlogje aan het voeren was om mij te laten overbrengen naar waar ik hoorde te zijn: ‘oncologie’. Want ik had kanker, dat zag de spreekwoordelijke blinde. Maar niet de artsen die mij op dat ogenblik behandelden. Manon zou me die avond voor het eerst echt spreken. Mijn vrouw Leen en ik zaten te wachten op haar komst. Ze kwam binnen, bekeek ons langdurig en zweeg. Toen sprak ze de woorden uit: ‘Het is niet goed.’ Ze toonde ons de botscan, zonder commentaar. En dan zagen we hoe diep die kanker zich in het lichaam had genesteld. Nestelen zeg ik, maar kerven is het betere woord: als een zwarte pestlijn door mijn hele geraamte. Manon vertelde pas veel later hoe ze zich ergerde aan haar collega’s die weigerden om mij te laten overbrengen. Ze verborg tegenover ons haar woede. Ik citeer haar hier even uit een gesprek dat we onlangs met haar voerden: ‘De medicatie stond niet op punt, terwijl je barstte van de pijn. Ze stuurden je zonder fatsoenlijke begeleiding naar de scanner, zodat je van pure uitputting in elkaar stortte en ik je letterlijk diende op te rapen. Ik liep met veel artsen keet te schoppen. Ze weigerden een botversterkend middel toe te dienen terwijl er geen bot meer in je lichaam was dat niet onder de aantasting leed. Er restte ons geen tijd meer want het bot kon breken of het beenmerg kon gaan falen. Mijn baas zegt dan altijd: “Als je in ons vak haast heb, ben je eigenlijk al te laat.” Zo voelde het ook aan.’
Op die donkere decemberavond van 2006 kregen, we na bijna twintig dagen van hier naar daar te zijn gestuurd, dus voor het eerst fatsoenlijk antwoord op onze vragen. Ondanks het harde verdict dat Manon ons gaf, deed deze kennis van de feiten en haar eerlijkheid ons toch deugd. Want we voelden dat ze voor ons tot het uiterste wilde gaan. We spraken onszelf die avond voor de eerste keer écht moed in vooraleer Leen – de vrouw van mijn leven sinds 1981 maar de vonk sloeg al een eerste keer over in 1971, bij een bezoek aan show in een circustent van televisiefiguur ‘Nonkel Bob’ – huiswaarts reed, van de stad naar de Kempen. Voor de verdomde negentiende opeenvolgende keer, in haar eentje, naar onze kinderen Senne (14) en Charlotte (12). Ik bleef achter op die vervloekte ziekenhuiskamer, vertwijfeld door verdriet, vechtend tegen de opkomende woede die ik op dat moment volledig in mij los liet. Ik had zin om mijn baxters tegen de muur te gooien. I hate you San Quentin zong Johnny Cash over de beruchte gevangenis. Ik haatte het ziekenhuis.”

Raf Willems, uitgever

Darya Safai van La Repubblica tot De Tijd

Vorige week zorgde onze auteur Darya Safai in Italië voor ophef met haar protest tijdens de volleybalinterland tegen het team van de Islamitische Republiek Iran. Darya demonstreerde met haar actiegroep ‘Let Iranian Women Enter Their Stadiums’ tegen de vrouwendiscriminatie in haar land van herkomst. Ze werd op een brutale wijze uit de zaal verwijderd en de spandoek met de leuze werd vakkundig aan stukken gescheurd door de veiligheidsgorilla’s van dienst. Dat leidde tot een heftige reactie van enkele weldenkende Italiaanse opiniemakers. Darya Safai mocht haar verhaal vertellen in een uitzending van RAI-nieuwsdienst en ze kreeg ook een in het oog springende vermelding op de voorpagina van de kwaliteitskrant La Repubblica. Daar verontschuldigde de columnist van dienst zich voor het wangedrag van de Italiaanse ordediensten. Onder meer met de woorden: ‘Vrouwen die protesteren tegen de onvrijheid in Iran worden ook in Italië opgepakt.’
In de weekendbijlage van De Tijd werd ze op een boeiende wijze geportretteerd door Gwen Declerck. Het levensverhaal van Darya Safai werd beschreven in ons tijdloze boek ‘Lopen tegen de wind’. Het is nog steeds te bestellen bij onze uitgeverij aan de prijs van 15 euro.

Steun Darya Safai met haar boek Lopen tegen de wind

Darya Safai. Ik vraag extra aandacht voor onze auteur Darya Safai. Ze publiceerde bij onze uitgeverij in het najaar van 2015 haar levensverhaal ‘Lopen tegen de wind’. Het is één van die zeldzame boeken met een tijdloos karakter. Sindsdien is Darya met haar actiegroep ‘Let Iranian women enter their stadiums’ niet meer uit de belangstelling te slaan.
Deze week was ze – zoals steeds vreedzaam – aanwezig met haar actiegroep in Italië. Aanleiding was de volleybalinterland tegen het team van de Islamitische Republiek Iran. Zoals uit de beelden blijkt werd Darya op brutale wijze weggeleid door de carabinieri. Onder applaus en gejuich van enkele ‘vrouwen met hoofddoek’, die hoger in de tribunes zitten zo blijkt. Tamelijk wansmakelijk, mocht men het mij vragen.
Darya bezit moed. Dat is het minste wat we van haar kunnen zeggen. En ze heeft recht van spreken. Ze leerde de binnenkant van Khomeini’s gevangenissen kennen in haar land van oorsprong Iran nadat ze als studente demonstreerde tegen de dictatuur van het islamisme en voor vrouwenrechten. We schrijven 1999. Darya en haar man Saeed, die actief was bij de democratische oppositie, sloegen nadien op de vlucht en emigreerden naar België. Ze studeerden in Brussel aan de VUB voor tandheelkunde en ze openden samen een tandartsenpraktijk in Wemmel en in Borgerhout. Intussen bleef ze zich inzetten, zowel voor vluchtelingen in België zoals zij er ooit zelf één was, als voor de – onbestaande – rechten van de vrouw in Iran. Ze ijvert daarvoor via de sport. Darya is voetbalgek en heeft het nummer 26753 van de 1895 Belgium Fanclub. Met een beetje geluk zie je haar bij thuiswedstrijden van de Rode Duivels als ze met haar vriendinnen, getooid in geelroodzwarte sjaals en met Duivelse horentjes op het hoofd, haar spandoek ontrolt: Let Iranian women enter their stadiums.
Ze werd in 2016 door de Verenigde Naties erkend als één van de meest gezaghebbende vrouwenrechtenstemmen.
Ze geniet intussen mondiale bekendheid omdat ze op de Olympische Spelen van Rio 2016 protesteerde met haar spandoek tijdens een volleybalwedstrijd van Iran. Ze barstte in tranen uit toen een paar ‘veiligheidsgorilla’s’ haar wilden verwijderen. Het werd een iconische foto, die de wereld rondging. De foto van het verzet tegen conservatieve geestelijken die op gewelddadige wijze de vrouwelijke burgers van hun land verhinderen om deel te nemen aan, of zelfs maar te kijken naar, godbetert sportwedstrijden.
Onlangs voerde ze actie in Parijs tegen wat ze ‘seksuele apartheid’ noemt. Om het IOC onder druk te zetten zodat het Saudi-Arabië en Iran zou verplichten het stadionverbod voor vrouwen op te heffen. Op maandag 15 mei 2017 werd ze uitgenodigd om het probleem aan te kaarten. Ze legde de eis op tafel om het olympisch charter te doen respecteren maar ze werd weggelachen door de bobo’s die plooiden voor het islamisme. Toch te gek voor woorden? Zowel het IOC als de FIFA verbieden in hun statuten ‘discriminatie op basis van geslacht of gender’? Wat mij betreft nemen landen in de toekomst nog enkel deel aan internationale sportmanifestaties als ze zowel een mannen- als een vrouwenploeg afvaardigen en als iedereen door elkaar – dus jongens en meisjes voor de goede orde, waar zijn we mee bezig zeg – in het stadion mogen plaatsnemen. Omdat we in 2017 leven.
Mijn oproep aan de Belgische politiek: steun de acties van Darya Safai. En veroordeel om te beginnen de Italiaanse aanpak van de voorbije week. Bovendien zou het België een fris en lekker rebellerend imago geven op het wereldtoneel.
Het levensverhaal van Darya Safai is in tijden van de mondiale terreur van het moslimfundamentalisme – van Kaboel tot Londen – een verademing. U kan het nog steeds kopen bij Willems Uitgevers. Bestel ‘Lopen tegen de wind’ hier en u steunt haar op uw beurt want de opbrengst van het boek gaat volledig naar haar campagnes.

Hartelijk,

Raf Willems